Kleine bus, grote verwarring

In Hong Kong wonen we recht boven een station, dus maak ik graag en veel gebruik van de metro. De Hongkongse variant van de OV-chipkaart, de ‘Octopus’, werkt hier al jaren perfect dus ik heb nooit strippenkaartachtige onzekerheden (je kan zelfs ‘rood staan’ op je Octopus!) en de metroplattegrond is echt fool-proof. Maar de metro komt niet overal en het is nu te heet om te lopen. Eerst nam ik vaak de taxi, maar ineens sloeg de bespaartrend toe en omdat ik dol ben op wat voor trend dan ook bedacht ik: ik moet met de bus!

Schermafbeelding 2014-02-13 om 16.07.50

Via internet had ik al snel gevonden welk ‘mini-busje’ (links natuurlijk!) ik vanaf ons station naar kantoor kon nemen. Dat ging goed. Eenmaal in het busje bestudeerde ik de chauffeur en de mensen om me heen nauwkeurig, en stiekem bestudeerden zij mij. In een mini-busje passen maar 16 passagiers, en de chauffeur riep in het Kantonees af en toe wat naar achteren. Soms riepen passagiers iets terug. Ik concludeerde dat hij de naam van de volgende halte riep en dat mensen die daar eruit wilden, zich dan meldden door iets terug te roepen. Maar…. de chauffeur riep niet bij elke halte! En soms riepen mensen ook schijnbaar wat in het wilde weg, en stopte hij ineens op plekken waar niet eens een halte was! Ingewikkeld. Waarom geen stop-knop? Wat als hij niets zou zeggen bij mijn halte? En trouwens, ook al zou hij wel iets roepen, wat moest ik terugzeggen; wat zeiden al die andere mensen toch? Mijn halte kwam steeds dichterbij en ik werd zenuwachtig. Ik overwoog ‘stop!’ te gillen, maar vond het toch heel vervelend om het overduidelijk geoliede systeem, waar ieder in het busje zo tevreden mee leek, te dwarsbomen. Daarom hoopte ik heel hard dat iemand anders er ook uit zou moeten op mijn plaats van bestemming. En dat was gelukkig het geval. Pfffff.

Eenmaal op kantoor leerde mijn collega me hoe ik ‘wil eruit’ moet roepen in het Kantonees: ‘yau lok!’ Natuurlijk moet je het wel flink hard roepen, zeker als je achterin de mini-bus zit, en daar ben ik te bescheten voor. Dus als het even kan hou ik de strategie van met iemand anders uitstappen aan. En voor ons huis moet ik gelukkig toch op een eindhalte zijn, dat is ook altijd veilig.

Nu voel ik me heel stoer, en spring de hele tijd in en uit mini-busjes. Mini-bus naar kantoor, werken, lopen naar yoga, andere mini-bus naar huis en dat alles voor nog geen euro! Een ander voordeel is, dat je nog eens wat meemaakt. Zo stapte van de week een meisje in dat ging zitten zonder te betalen. Ze rommelde wat omstandig in haar tasje waardoor ik dacht: zou ze proberen zwart te rijden? Of zou ze echt haar Octopus niet kunnen vinden? De chauffeur reed echter geen meter op krediet, want hij draaide zich naar haar om en een spervuur van Kantonees daalde op haar neer. Ze betaalde snel, maar de chauffeur bleef tijdens het rijden maar doorgaan met zijn woedende relaas. Niemand reageerde er op, het meisje ook niet, dus ik bleef ook rustig zitten. Hij klonk steeds bozer, alhoewel dat ook mijn interpretatie kan zijn geweest. Op een gegeven moment, ik schrok me wild, zette hij zijn busje stil en nog immer woest doorratelend klom hij uit zijn stoel en kwam het passagiersgedeelte ingestormd. Ik zat vastgenageld en wist ineens zeker dat hij de hele tijd tegen mij had gegild, ik had vast wat verkeerd gedaan! Maar hij liep me straal voorbij (opluchting!) en achterin het busje zakte hij op zijn knieën om iets te zoeken onder de banken. Toen hij zonder iets gevonden te hebben maar nog immer razend orerend terug naar de chauffeursstoel van het mini-busje liep, zag ik pas het bijpassende mini-telefoontje dat in zijn oor zat.

Wat is het soms toch vreselijk verwarrend om een buitenlander te zijn.

Joy-Gin!

Wytske

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *